Noodgeval?  24/7 bereikbaar op +31 114 21 60 20

Noodgeval?  24/7 | +31 114 21 60 20

Uw kat...
... onze zorg!

Belangrijke ziekten bij de kat

Hieronder bespreken we de belangrijkste ziekten die voorkomen bij de hond.

  • Kattenziekte/ Feline Panleucopenie
  • Niesziekte
  • Infectieuze leukemie / FeLV
  • Feline Infectieuze Peritonitis / FIP
  • Feline Immunodeficiëntievirus / FIV / Kattenaids
  • Rabiës

Kattenziekte/ Feline Panleucopenie

Dit zeer besmettelijk virus wordt door hetzelfde virustype veroorzaakt als parvovirose bij honden.
Kittens die in de baarmoeder al besmet worden sterven meestal al voor de geboorte. Als ze toch levend geboren worden hebben ze vaak onderontwikkelde hersenen of een waterhoofd. Katten worden besmet door inademing of inslikken van het virus na direct contact met uitscheidingsproducten van een andere kat of na indirect contact met besmette materialen of vlooien.

Vaak, maar niet altijd, zijn het kittens van minder dan 6 maanden oud die symptomen gaan vertonen. Ze zijn suf, hebben een verhoogde lichaamstemperatuur en ze gaan braken. Als ze deze eerste fase overleven ontwikkelen ze zwarte, stinkende diarree, eventueel met bloedstolsels en slijm. De dieren hebben buikpijn en weigeren te eten of te drinken. Het bloedbeeld van deze katjes toont een gedaald aantal witte- en rode bloedcellen aan. Dit is ook bekend als panleukopenie.
Ondanks intensieve behandeling zien we een hoog percentage van deze katjes sterven. Als de kat wel overleeft kan hij een drager worden en het virus uitscheiden om hiermee andere katten te besmetten.

Preventie van kattenziekte is mogelijk via vaccinatie. Een goed gevaccineerde moeder kan geen kittens besmetten en beschermd hen de eerste weken tegen de ziekte. Daarna moet vaccinatie deze beschermende functie overnemen. In Purevax RCPCh staat de P voor Panleukopenie.

Niesziekte

Er zijn drie boosdoeners betrokken bij het ontstaan van niesziekte bij katten. Deze zijn Calicivirus, Rhinotracheïtisvirus en Chlamydia.
Zij vallen in de eerste plaats de neus en keel van het dier aan maar ook de ogen worden vaak bij de ziekte betrokken. Door algemene verzwakking van het dier komt er vaak een bacteriële infectie bovenop.

Een kat kan besmet worden door direct contact met geïnfecteerde katten en hun uitscheidingen maar ook via de lucht. Het Rhinotracheïtisvirus is een herpesvirus en de kat kan er dus drager van zijn en in perioden van stress of verminderde weerstand virus gaan uitscheiden.

Tijdens periode van ziekte zien we variërende symptomen lopend van niezen, kuchen, benauwd zijn, koorts, weigeren te eten of te drinken, oog- en neusuitvloei, …

Als de behandeling tijdig ingesteld wordt hoeft uw kat hiervan geen blijvende gevolgen te ondervinden. Als de behandeling wordt ingesteld bij vergevorderde symptomen kan de infectie chronisch worden en blijft de kat levenslang gevoelig. Ze zal dan regelmatig terug symptomen krijgen en behandeling vereisen.

Bij hoge infectiedruk kan ook een gevaccineerde kat wel eens een periode van niesziekte doormaken maar ze wordt dan wel veel minder ziek dan een niet gevaccineerde kat. In Purevax RCPCH staat de R voor Rhinotracheïtisvirus, de C voor Calicivirus en de Ch voor Chlamydia.

Infectieuze leukemie / FeLV

Feline Leukemie Virus is een virale aandoening met fataal verloop. Deze ziekte valt in de eerste plaats de weesrtand van de kat aan zodat ze veel gevoeliger wordt voor infecties. In de tweede plaats kan ze ook leukemie veroorzaken.
Via speeksel, bloed, urine, ontlasting en seksuele contacten kan het virus overgebracht worden. Het vermenigvuldigd zich in de amandelen van de kat en verspreid zich naar het beenmerg en lymfestelsel. Vanaf dan is het virus aantoonbaar in het bloed en is de kat besmettelijk voor andere katten.

Er zijn verschillende pistes die het virus kan gaan volgen

  • Een drachtige poes kan de kittens besmetten voor de geboorte of na het werpen via de moedermelk. Dit kan leiden tot doodgeboorte of gezonde kittens die virusdrager worden.
  • Kittens van minder dan 8 weken oud worden bijna altijd ziek.
  • Eens ouder dan 8 weken wordt nog ongeveer de helft van de gevallen ziek.
  • Volwassen katten ontwikkelen in ongeveer 15% van de gevallen ziekte.
  • Een gezonde kat met een goed afweersysteem kan het virus gewoon overwinnen en wordt zelfs geen drager.
  • Katten die het virus niet gaan bestrijden hoeven niet meteen ziek te worden maar ze kunnen wel drager worden en andere katten besmetten. In de komende maanden of jaren kunnen ze toch symptomen vertonen en uiteindelijk sterven.

De ziektesymptomen die verschijnen bij een infectie met het Feline Leukemie virus zijn zeer divers en in de meeste gevallen afhankelijk van de secundaire infecties die uw kat teisteren.
FeLV is jammer genoeg niet te behandelen en resulteert vroeg of laat in een fatale afloop. We kunnen enkel symptomatisch reageren en proberen om de secundaire infecties onder controle te krijgen. Het is belangrijk dat een aangetaste kat binnen gehouden wordt, in afzondering van andere katten. Dit om te voorkomen dat zij andere katten gaat besmetten.

De enige manier om te voorkomen dat uw kat FeLV krijgt is door ze binnen te houden. Er zijn vaccins beschikbaar maar deze kunnen niet voor 100% garanderen dat uw kat niet besmet wordt. Het is enkel nuttig om gezonde katten te vaccineren. Laat uw kat dus op voorhand testen op FeLV. Als ze al besmet is kan vaccinatie niet meer helpen.

Feline Infectieuze Peritonitis / FIP

Heel wat katten maken ooit een infectie door met coronavirus. In minder dan 5% van de gevallen kan dit vrij onschuldige virus muteren naar een fatale variant. De gemuteerde vorm heet dan Feline Infectieuze Peritonitis.
Verder zien we dat katten die geïnfecteerd zijn met de onschuldige vorm regelmatig drager blijven van deze vorm. Zij kunnen via hun ontlasting, speeksel en urine andere katten gaan besmetten met de onschuldige vorm maar in deze nieuw geïnfecteerde kat kan het virus gaan muteren naar de kwaadaardige vorm.
Meest gevoelig zijn katten van minder dan 2 jaar oud of meer dan 10 jaar oud.

We zien twee vormen van FIP. Eerst en vooral is er een acute natte vorm waarbij de bloedvaten gaan lekken en er vrij vocht in de buik- en borstholte opstapelt. Daarnaast is er ook een chronische droge vorm waarbij ontstekingshaarden ontstaan in het hele lichaam, de lever, de nieren, de hersenen etc. Symptomen kunnen zijn koorts, gebrekkige eetlust, apathie, vermageren, oogontstekingen, opgezette buik, benauwdheid, onverzorgd voorkomen, gele slijmvliezen, braken, diarree, epilepsie en anderen. Bij kittens zien we vaak groeiachterstand.

FIP is op zich niet te behandelen. We kunnen wel het immuunapparaat beïnvloeden en symptomatisch te werk gaan om de levenskwaliteit te verhogen. Er bestaat een vaccin tegen FIP maar hierover is nog controverse. In sommige gevallen zou er FIP ontstaan na het vaccin of zou een bestaande infectie verergeren.

Feline Immunodeficiëntievirus / FIV / Kattenaids

Deze ziekte wordt veroorzaakt door een virus dat de afweer van het lichaam aantast. Katten worden meestal besmet door gevechten en bijtwondes. Kittens kunnen ook besmet worden via de moederpoes.
Iedere kat kan op elk moment in zijn leven besmet worden maar een vechtersbaas heeft wel veel meer kans op besmetting dan de brave binnenhuiskat.
Het verloop van een kattenaids infectie is op te splitsen in 5 verschillende fazen.

  • Fase 1: Start ongeveer 4 weken na infectie en duurt tot ongeveer 4 maanden. De kat kan zich hierbij even niet goed in zijn vel voelen. De lymfeknopen zetten op en ze ontwikkeld soms koorts. We zien soms voorbijgaande diarree of bloedarmoede. Deze fase kan passeren zonder echt klinische verschijnselen te geven.
  • Fase 2: Start ongeveer een half jaar na infectie en kan 2 maanden tot enkele jaren duren. De kat vertoont geen klinische verschijnselen en de ziekte is in slapende toestand aanwezig in het lichaam van de kat.
  • Fase 3: Aspecifieke symptomen zoals vermageren, slechte eetlust, koorts, bloedarmoede, oogontstekingen en opgezette lymfeklieren kunnen de kop op steken.
  • Fase 4: Allerlei ontstekingen teisteren de kat. Tandvleesontstekingen, huidproblemen, koorts, oogontstekingen, ontstekingen ter hoogte van de luchtwegen, afnemende eetlust, koorts, …
  • Fase 5: De afweer functioneert in zijn geheel niet meer. De kat kan epilepsie ontwikkelen alsook veranderingen in het gedrag. De symptomen uit fase 4 worden erger. De kat heeft hooguit nog een paar maanden te leven.

Er is geen behandeling beschikbaar tegen FIV op zich. We kunnen enkel symptomatisch te werk gaan en de secundaire infecties die optreden bij de verzwakte kat te lijf gaan. FIV verloopt uiteindelijk altijd fataal maar het overlijden kan vaak gedurende lange tijd in goede levenskwaliteit gehouden worden.
Er bestaan geen vaccinaties tegen FIV. Het is wel aangeraden om katers te laten castreren om de kans op vechtgedrag en zo ook de kans op infectie te verkleinen.

Rabiës

Hondsdolheid heeft altijd een fatale afloop als er eenmaal symptomen opduiken. Deze wereldwijd voorkomende ziekte kan overgedragen worden op mensen. Meestal gebeurt infectie via speeksel en dan meestal door een beet door een besmet wild dier. Benader nooit agressieve of net zeer tamme wilde dieren.
Na besmetting kan het één tot enkele weken duren alvorens de symptomen tevoorschijnen komen. We zien gedragsveranderingen en agressiviteit. Speekselvloei en moeilijk slikken alsook paralyse die begint bij de achterhand. Nadat de symptomen de kop opsteken volgt de dood meestal binnen de week.
Preventie is de belangrijkste stap in de bestrijding van deze ziekte. Behandeling is alleen mogelijk als het contact met het geïnfecteerde dier pas heeft plaatsgevonden. Als de symptomen eenmaal de kop opsteken kan geen enkele behandeling hulp bieden.
Een definitieve diagnose kan alleen gesteld worden na histopathologfisch onderzoek op hersenweefsel.
Zoals eerder aangehaald is vaccinatie enkel verplicht als u de grens overgaat. Er moet dan 21 dagen op voorhand geënt worden en deze vaccinatie is dan 3 jaar geldig binnen de EU.